8 augustus 2010
Allo Darlin'
Allo Darlin’
Fortuna Pop! / Munich Records
Lief. Dat is eigenlijk de beste omschrijving van dit zwoele zomerplaatje. Allo Darlin’ klinkt schattig en ongecompliceerd en dat is ook precies het gevoel van de lieflijke indiepop op hun gelijknamige debuutalbum. Eerste singles The Polaroid Song en Dreaming klinken inderdaad aardig dromerig, maar soms wat saai. En ook in andere nummers zit zoete onschuldigheid verborgen, zo gaat Kiss Your Lips over een kermisbezoek met haar vriendje en is Heartbeat Chilli een liefdeslied over koken. Het is de ontwapenende, maar niet altijd even sterke stem van zangeres Elisabeth Morris die het serieus en toch zachtaardig maakt. De vrolijke melodie houdt het luchtig. Wellicht is deze niks-aan-de-hand-sfeer af te leiden van de Australische roots van de helft van dit kwartet. Denk er wat surfers bij en het plaatje is compleet.
3 sterren.
Gepubliceerd in Glamcult.
25 juli 2010
The Hundred In The Hands
The Hundred In The Hands
Warp / V2
Het heden verwerken in het verleden naar de toekomst om zo geschiedenis te schrijven. Dat is eigenlijk het doel van dit man/vrouw duo uit Brooklyn. Zelf noemen ze dat Avant-pop. En inderdaad, je hoort de verschillende invloeden terug; van dance tot rock en van disco-punk tot electro, maar de nummers behouden telkens de catchy poptoon. Vooral eerste single Pigeons heeft zo’n vrolijke, aanstekelijke melodie. Ook de nummers Killing It, Last City en Gold Blood hebben die alternatieve popmelodie, maar zijn meer upbeat en met een psychedelisch randje. Voor de afwisseling is er de rustige, bijna lome afsluiter The Beach, waarop de prachtige, dromerige stem van zangeres Eleanore Everdell helemaal tot zijn recht komt. Fijne cd voor een relaxte (na)zomermiddag die overgaat in een feestje.
4 sterren.
Gepubliceerd in Glamcult.
Labels:
album,
avant-pop,
disccovery,
disco-punk,
electro,
music,
review,
The Hundred in the Hands
5 juni 2010
Two Door Cinema Club
Rotown Rotterdam
04-06-2010

Al tijden uitverkocht staat Two Door Cinema Club met hun opwekkende klanken op een overvolle, zweterige vrijdagavond in de Rotterdamse poptempel. En voor het eerst, zoals de leadzanger later ook vertederend zal zeggen. Volgens de prestigieuze “Sound Of 2010”-lijst van de BBC vormen ze één van de meest belangwekkende nieuwkomers van dit jaar en ook hun sprankelende debuutalbum Tourist History vol opzwepende, elektronische invloeden belooft een spetterend begin van hun carrière. Aan het enthousiaste publiek te zien, lijken zij bij voorbaat al overtuigd van het succes. En toch is het fijn als de heren dan eindelijk het podium op lopen om te gaan spelen en zich even flink te bewijzen.
Ze beginnen met wat vrolijke, poppy nummers als Hands Off My Cash, Monty en de single Something Good Can Work. En inderdaad, het publiek gaat meteen uit zijn dak. Als de wat meer ruige nummers voorbij komen, vraagt de muziek om beweging en blijft iedereen springen. Toch merk je dat de ‘catchy’ melodieën het beter doen dan de uitgebreide gitaarriffen. Misschien herkenning, misschien ook gewoon waarvoor de band bedoeld is. De mannen worden niet voor niks de ‘jongere broertjes’ van Phoenix genoemd. De Ierse band verzorgde dan ook bij hen het voorprogramma tijdens hun Europese tournee. En niet alleen de catchy electropop hebben de bands gemeen, ook delen ze het Franse Kitsuné label.
Als ze zich na de eerste twee nummers voorstellen met hun Ierse accent ga je hoe dan ook overstag. Het is bijna schattig, zoals ze vertellen dat ze voor het eerst in Rotterdam zijn en hoe geweldig ze het vinden. De lol die zij beleven aan het optreden, komt over op het publiek en dat is precies waarvoor concerten bedoeld zijn. De leadzanger heeft een mooie, zuivere stem die zelfs de hoge tonen met gemak haalt. Net als je denkt dat het saai wordt, knallen ze er weer een lekker deuntje in, waardoor stilstaan toch erg moeilijk blijft. Ze vervolgen met Come Back Home en het aanstekelijke Do You Want It All?, perfecte nummers voor een ongecompliceerd feestje. Al met al een evenwichtige mix van hun nummers en deze komen dan ook allemaal voorbij. Het zijn er tenslotte ook maar tien.
Wel laten ze het publiek al vrij snel in spanning achter. Het was kort. Na zo’n drie kwartier verdwijnen de mannen achter de coulissen en het duurt even voordat ze terugkomen voor de toegift. Dit moet hoe dan ook I Can Talk zijn, want die knaller kunnen ze toch niet overslaan? Maar dan begint een heel ander nummer. Enigszins teleurgesteld met het idee dat dit het was, begint dan toch de u-o-u-u-o. Gelukkig, deze uitsmijter maakt het af en toe vlakke concert meer dan goed. Het publiek blijft tevreden achter, maar met vijftig minuten was de ervaring toch snel voorbij. Iets te snel. De performance was fijn om naar te kijken en het is wel duidelijk dat Two Door Cinema Club indruk heeft gemaakt in Rotterdam. Perfecte muziek als afsluiter voor een zorgeloze zomerdag.
04-06-2010

Al tijden uitverkocht staat Two Door Cinema Club met hun opwekkende klanken op een overvolle, zweterige vrijdagavond in de Rotterdamse poptempel. En voor het eerst, zoals de leadzanger later ook vertederend zal zeggen. Volgens de prestigieuze “Sound Of 2010”-lijst van de BBC vormen ze één van de meest belangwekkende nieuwkomers van dit jaar en ook hun sprankelende debuutalbum Tourist History vol opzwepende, elektronische invloeden belooft een spetterend begin van hun carrière. Aan het enthousiaste publiek te zien, lijken zij bij voorbaat al overtuigd van het succes. En toch is het fijn als de heren dan eindelijk het podium op lopen om te gaan spelen en zich even flink te bewijzen.
Ze beginnen met wat vrolijke, poppy nummers als Hands Off My Cash, Monty en de single Something Good Can Work. En inderdaad, het publiek gaat meteen uit zijn dak. Als de wat meer ruige nummers voorbij komen, vraagt de muziek om beweging en blijft iedereen springen. Toch merk je dat de ‘catchy’ melodieën het beter doen dan de uitgebreide gitaarriffen. Misschien herkenning, misschien ook gewoon waarvoor de band bedoeld is. De mannen worden niet voor niks de ‘jongere broertjes’ van Phoenix genoemd. De Ierse band verzorgde dan ook bij hen het voorprogramma tijdens hun Europese tournee. En niet alleen de catchy electropop hebben de bands gemeen, ook delen ze het Franse Kitsuné label.
Als ze zich na de eerste twee nummers voorstellen met hun Ierse accent ga je hoe dan ook overstag. Het is bijna schattig, zoals ze vertellen dat ze voor het eerst in Rotterdam zijn en hoe geweldig ze het vinden. De lol die zij beleven aan het optreden, komt over op het publiek en dat is precies waarvoor concerten bedoeld zijn. De leadzanger heeft een mooie, zuivere stem die zelfs de hoge tonen met gemak haalt. Net als je denkt dat het saai wordt, knallen ze er weer een lekker deuntje in, waardoor stilstaan toch erg moeilijk blijft. Ze vervolgen met Come Back Home en het aanstekelijke Do You Want It All?, perfecte nummers voor een ongecompliceerd feestje. Al met al een evenwichtige mix van hun nummers en deze komen dan ook allemaal voorbij. Het zijn er tenslotte ook maar tien.
Wel laten ze het publiek al vrij snel in spanning achter. Het was kort. Na zo’n drie kwartier verdwijnen de mannen achter de coulissen en het duurt even voordat ze terugkomen voor de toegift. Dit moet hoe dan ook I Can Talk zijn, want die knaller kunnen ze toch niet overslaan? Maar dan begint een heel ander nummer. Enigszins teleurgesteld met het idee dat dit het was, begint dan toch de u-o-u-u-o. Gelukkig, deze uitsmijter maakt het af en toe vlakke concert meer dan goed. Het publiek blijft tevreden achter, maar met vijftig minuten was de ervaring toch snel voorbij. Iets te snel. De performance was fijn om naar te kijken en het is wel duidelijk dat Two Door Cinema Club indruk heeft gemaakt in Rotterdam. Perfecte muziek als afsluiter voor een zorgeloze zomerdag.
Labels:
band,
concert,
concertrecensie,
disccovery,
event,
music,
review,
Rotown,
Rotterdam,
Two Door Cinema Club,
verslag
4 juni 2010
Tame Impala
TAME IMPALA
INNERSPEAKER
RELEASE: 08-06-2010 (US)
MODULAR

De Australische indie rockband Tame Impala komt met een nieuw album: Innerspeaker. Een album, zoals de titel al aangeeft, waarop de innerlijke spreker aan het woord komt. Zo is de eerste single Solitude is Bliss een ware ode aan alleen zijn: ‘Company’s okay, solitude is bliss’. En dat weet het trio goed duidelijk te maken met teksten als ‘Niemand om me heen die naar me kijkt. Zo kan ik zoveel naar mijn schaduw kijken als ik wil’ en ‘Er is een feestje in mijn hoofd en niemand is uitgenodigd.’ Een beetje psychedelisch wellicht, maar dat is dan ook waar de band voor staat; een stevige, vloeiende psychedelische groove rockband die een onwezenlijke, bijna dromerige melodie benadrukt. De videoclip van deze single weet de sfeer en de boodschap goed weer te geven door middel van een man die zich geheel op zijn gemak voelt in zijn eentje, maar zodra hij tussen de mensen is, komt hij in het gedrang en lijkt hij ongelukkig. De mannen van Megaforce, die ook werkten voor onder andere Metronomy, Late of the Pier en Two Door Cinema Club, regisseerden de clip.
Tame Impala, bestaande uit Kevin Parker, Dominic Simper en Jay Watson, dankt zijn naam aan een middelgrote antilope, de impala. Ze tekenden in 2008 bij het Australische label Modular Recordings, waarna al snel hun eerste EP volgde. Hierop stond onder andere de track Half Full Glass of Wine dat later een nummer 1 positie zou noteren in de Australische hitlijsten. Het trio stond in het voorprogramma van onder andere Yeasayer en MGMT, waardoor ze mede zijn beïnvloed. Hun debuutalbum Innerspeaker is inmiddels uit in Australië, dus de heren kunnen weer gaan touren. De release in Europa staat gepland op 28 juni.
De videoclip van Solitude is Bliss op YouTube
INNERSPEAKER
RELEASE: 08-06-2010 (US)
MODULAR

De Australische indie rockband Tame Impala komt met een nieuw album: Innerspeaker. Een album, zoals de titel al aangeeft, waarop de innerlijke spreker aan het woord komt. Zo is de eerste single Solitude is Bliss een ware ode aan alleen zijn: ‘Company’s okay, solitude is bliss’. En dat weet het trio goed duidelijk te maken met teksten als ‘Niemand om me heen die naar me kijkt. Zo kan ik zoveel naar mijn schaduw kijken als ik wil’ en ‘Er is een feestje in mijn hoofd en niemand is uitgenodigd.’ Een beetje psychedelisch wellicht, maar dat is dan ook waar de band voor staat; een stevige, vloeiende psychedelische groove rockband die een onwezenlijke, bijna dromerige melodie benadrukt. De videoclip van deze single weet de sfeer en de boodschap goed weer te geven door middel van een man die zich geheel op zijn gemak voelt in zijn eentje, maar zodra hij tussen de mensen is, komt hij in het gedrang en lijkt hij ongelukkig. De mannen van Megaforce, die ook werkten voor onder andere Metronomy, Late of the Pier en Two Door Cinema Club, regisseerden de clip.
Tame Impala, bestaande uit Kevin Parker, Dominic Simper en Jay Watson, dankt zijn naam aan een middelgrote antilope, de impala. Ze tekenden in 2008 bij het Australische label Modular Recordings, waarna al snel hun eerste EP volgde. Hierop stond onder andere de track Half Full Glass of Wine dat later een nummer 1 positie zou noteren in de Australische hitlijsten. Het trio stond in het voorprogramma van onder andere Yeasayer en MGMT, waardoor ze mede zijn beïnvloed. Hun debuutalbum Innerspeaker is inmiddels uit in Australië, dus de heren kunnen weer gaan touren. De release in Europa staat gepland op 28 juni.
De videoclip van Solitude is Bliss op YouTube
Labels:
album,
Australia,
disccovery,
indie,
Innerspeaker,
Megaforce,
Modular,
music,
review,
rock,
Tame Impala,
video
31 mei 2010
Ratatat
RATATAT
LP4
RELEASE: 08-06-2010
XL RECORDINGS/BEGGARS

Witte vogels zijn hun nieuwe passie. Althans, zo lijkt het als je de cover van het nieuwe album LP4 van Ratatat bekijkt. Maar niets blijkt minder waar; het duo bestaande uit Evan Mast en Mike Stroud houdt inderdaad van vogels. De inspiratie voor deze cover komt namelijk voort uit de aanwezigheid van hun eigen witte vogel tijdens het opnemen van de opvolger van LP3 uit 2008. Ze was in de studio, haar kooi stond naast de piano, en haar geluiden hoor je dan ook terug in de muziek. In de track Grape Juice City hoor je bijvoorbeeld het flapperen van haar vleugels. En ook in de videoclip van de eerste single Party With Children kun je de vogel zo’n drie minuten observeren. Enerverend. Maar volgens Beggars, het label van Ratatat, is dit alleen een teaser en volgt de echte clip binnenkort.
Maar dit album belooft meer te zijn dan alleen wat vogeltjesgefluit. De mannen van Ratatat zetten een voor henzelf logische stap verder dan op het vorige album, omdat ze simpelweg meer ervaring hebben opgedaan en op vele nieuwe plaatsen zijn geweest tijdens hun veelal uitverkocht tour, door onder andere Vietnam, China en Cambodja. Hierna hebben ze meegewerkt aan twee nummers op het debuutalbum van Kid Cudi, waaronder de single Pursuit of Happiness met MGMT. Het elektronische duo omschrijft het nieuwe album als gekker en gedurfder dan LP3. Er zijn meer (live)instrumenten te horen dan voorheen, wat zorgt voor onverwachte experimentele geluiden en er wordt gebruik gemaakt van gesproken onderbrekingen. Maar dit is minimaal. Het gaat de heren om mooie, diepe geluiden, niet om de tekst. Gewoon om het puur te houden.
LP4
RELEASE: 08-06-2010
XL RECORDINGS/BEGGARS

Witte vogels zijn hun nieuwe passie. Althans, zo lijkt het als je de cover van het nieuwe album LP4 van Ratatat bekijkt. Maar niets blijkt minder waar; het duo bestaande uit Evan Mast en Mike Stroud houdt inderdaad van vogels. De inspiratie voor deze cover komt namelijk voort uit de aanwezigheid van hun eigen witte vogel tijdens het opnemen van de opvolger van LP3 uit 2008. Ze was in de studio, haar kooi stond naast de piano, en haar geluiden hoor je dan ook terug in de muziek. In de track Grape Juice City hoor je bijvoorbeeld het flapperen van haar vleugels. En ook in de videoclip van de eerste single Party With Children kun je de vogel zo’n drie minuten observeren. Enerverend. Maar volgens Beggars, het label van Ratatat, is dit alleen een teaser en volgt de echte clip binnenkort.
Maar dit album belooft meer te zijn dan alleen wat vogeltjesgefluit. De mannen van Ratatat zetten een voor henzelf logische stap verder dan op het vorige album, omdat ze simpelweg meer ervaring hebben opgedaan en op vele nieuwe plaatsen zijn geweest tijdens hun veelal uitverkocht tour, door onder andere Vietnam, China en Cambodja. Hierna hebben ze meegewerkt aan twee nummers op het debuutalbum van Kid Cudi, waaronder de single Pursuit of Happiness met MGMT. Het elektronische duo omschrijft het nieuwe album als gekker en gedurfder dan LP3. Er zijn meer (live)instrumenten te horen dan voorheen, wat zorgt voor onverwachte experimentele geluiden en er wordt gebruik gemaakt van gesproken onderbrekingen. Maar dit is minimaal. Het gaat de heren om mooie, diepe geluiden, niet om de tekst. Gewoon om het puur te houden.
Labels:
album,
Beggars,
disccovery,
electro,
experimental,
music,
Ratatat,
review
8 mei 2010
Tim Burton

De Amerikaanse tekenaar, filmregisseur en producent Timothy William Burton (51) valt op door zijn aparte stijl van verbeelden. Zowel in zijn illustraties als zijn films komt er een donkere, duistere humor naar voren. Ook in zijn laatste bioscoophit, de 3D-versie van Alice in Wonderland, zie je deze -bijna gothic- stijl terug.
Burton groeide op in Californië en deed al jong zijn voorliefde op voor tekenfilms en horror. Hij was in zichzelf gekeerd en creatief en dat vormde de inspiratie voor zijn latere werk. Een veelvoorkomend thema is dan ook de misvormde ‘kinderman’, balancerend tussen de volwassen wereld en die van de kinderlijke fantasie zoals in Edward Scissorhands. Deze eenzame, onbegrepen persoon met een rijke fantasie, de outcast met vaak een bleke huid, is als een alter-ego voor Burton. Hij studeerde drie jaar animatie, waarna hij aan de slag kon bij Disney. Daar werkte hij onder andere mee aan de lange tekenfilm Frank en Frey. Maar enkele films later wist Disney niet wat ze zijn opmerkelijke stijl aanmoesten en voelde Burton zich ongelukkig bij zijn werkgever. Daarop ging hij naar Warner Bros en kreeg hij uiteindelijk de mogelijkheid om de blockbuster Batman te regisseren. Dat werd een enorme hit in de jaren ’80. In 1990 kwam Edward Scissorhands uit, waarbij hij samenwerkte met zijn idool: de acteur Vincent Price. De hoofdrol ging naar Johnny Depp met wie hij nog veel vaker samen zou gaan werken. Even later volgden de successen zich op. Van Batman Returns en Batman Forever tot de remake van Planet of the Apes, Big Fish, Charlie and the Chocolate Factory -naar het boek van Roald Dahl- en eind 2007 kwam hij met zijn horror/drama Sweeney Todd. Het meest recent is zijn versie van Lewis Carroll’s Alice’s Adventures in Wonderland en Through the Looking Glass, de 3D-film Alice in Wonderland met een er opnieuw dramatisch uitziende Johnny Depp als hoedenmaker.
Aan fantasie geen gebrek, want naast zijn films schrijft Burton gedichten. Zo bracht hij de gedichtenbundel The Melancholy Death of Oyster Boy: and Other Stories uit, die hij voorzag van eigen tekeningen. Ook dit boek gaat over misvormde kinderen zoals Oyster Boy en andere freaks. Zijn andere illustraties zijn inmiddels ook gebundeld door The Museum of Modern Art, New York. In het boek Tim Burton vind je zijn retrospectief van visueel uitzonderlijke afbeeldingen die gedetailleerd zijn groei laten zien. Er staan onder andere series in van niet eerder vertoond beeldmateriaal in de vorm van storyboards, illustraties, poppen en maquettes uit Burton’s persoonlijke archief die je een ware blik geven in zijn creativiteit.
Tim Burton van Ron Magliozzi en Jenny He:
Labels:
art,
Book,
discovery,
drawing,
fantasy,
illustrations,
producer,
Tim Burton,
video
23 april 2010
Bruno Dayan
One of the decent series by Bruno Dayan. Strength in simplicity, beautifully simple and with a good dose of light.






Labels:
art,
Bruno Dayan,
Dayan,
discovery,
fashion,
Photography,
shoot
Nieuwe clip The xx

De Londense indieband The xx bracht in augustus 2009 hun gelijknamige debuutalbum al uit bij Young Turk Records, maar nu pas is de videoclip bij het nummer Islands gelanceerd. Een nogal donkere setting met een strakke danschoreografie en vooral een duidelijke doorvoering van het logo laat de band zien zoals we hem kennen: vrijwel emotieloos en toch melancholiek. Belangrijk is wel om tot het einde te kijken. Langzaam veranderen de moves namelijk totdat zij een verhaal op zich gaan vormen. Dat zorgt voor een aantal mooie shots waarbij de kruizen vlam vatten. Een knap staaltje filmwerk.
De ongeveer twintigjarige bandleden leerden elkaar kennen op de Elliot School in Londen, waarop bijvoorbeeld ook de artiest Hot Chip zat, en sinds 2005 vormen ze een band. Ze delen een liefde voor donkere 80’s gitaargeluiden en Amerikaanse R&B; nogal uiteenlopende invloeden en dat hoor je terug in de muziek. Die is het best te omschrijven als dreampop, indie, post-punk of shoegaze.
Vorig jaar mei stond The xx al op London Calling in Paradiso, Amsterdam. Toen nog wat onwennig en als vierkoppige band; inmiddels hebben ze een bandlid minder. Hij ‘bezweek’ onder de druk van het intensieve artiestenleven. Maar dat maakt hun succes er niet minder om. De soms wat moeilijk te plaatsen band gaat het na deze ‘ontdekking’ van London Calling voor de wind. Zo staan zij dit jaar onder andere op de festivals Rock Werchter, Pukkelpop en Lowlands.
Labels:
clip,
disccovery,
London,
music,
The XX,
video,
Young Turks
Abonneren op:
Posts (Atom)

